
Een tuin vraagt het hele jaar onderhoud, maar elk seizoen heeft zijn eigen klussen. Een overzicht van de belangrijkste.
Voorjaar
- Onkruid verwijderen. Met de hand is het grondigst; schoffel de grond eerst los, dan gaat het makkelijker.
- Snoeien. Zoek per plant op wanneer hij gesnoeid moet worden. Rozen en hortensia's snoeit u bijvoorbeeld in het vroege voorjaar.
- Het gazon verticuteren. Dat haalt mos en dood materiaal weg, zodat het gras ruimte krijgt. Doe het als de bodem wat warmer wordt.
- Groene aanslag van de bestrating halen. Gebruik geen chloor: dat is slecht voor het milieu.
- Tuinmeubilair schoonmaken en zo nodig opnieuw lakken of verven.
Najaar
- Verplanten en nieuw planten. Het begin van de herfst is een goed moment om bomen en planten te verplanten of nieuwe beplanting aan te leggen. Kies in het najaar planten die tegen kou kunnen.
- Het gazon herstellen. Bemest het gazon, zaai kale plekken opnieuw in en dek ze af met gezeefde compost.
- Onkruid volledig weghalen. In de herfst groeit onkruid minder snel; wat u nu goed weghaalt, komt in het voorjaar minder terug.
- Blad ruimen. Op tijd, zodat het geen aanslag geeft op de bestrating en het gazon niet beschadigt. Houd ook een vijver vrij van blad.
Winter
- Maai het gras niet te kort. Gras haalt in de winter ook voeding uit de sprieten. Maai niet als het vriest.
- Mulch als deken. Een laag compost of houtsnippers rond de planten houdt de wortels warm en geeft onkruid minder kans.
- Vorstgevoelige planten inpakken met fleece of jute. Winterharde planten, zoals hortensia en magnolia, hoeven dat niet.
- Snoeien in de rustfase. Sommige planten en bomen snoeit u juist in de winter, voor een sterke groei in het voorjaar. Twijfelt u of dat bij uw plant mag? Vraag het ons.
Liever geen omkijken naar het onderhoud? Damink doet het tuinonderhoud voor u, eenmalig of door het jaar heen.